Berichten

, ,

Bewegen beste manier om diabetes te voorkomen of genezen

De mens is ‘gemaakt’ om te bewegen en om perioden van voedselschaarste te kunnen overleven.
Hiertoe legt de mens een vetvoorraad aan, ook in de spieren.

Maar doordat we met z’n allen steeds minder bewegen, worden we niet alleen steeds zwaarder, we spreken het vet dat zich opstapelt in onze spieren en organen onvoldoende aan. Hierdoor ontstaat diabetes
Om dat proces tegen te gaan of te keren is niet alleen afvallen maar vooral meer bewegen belangrijk. Dat is de belangrijkste boodschap van Patrick Schrauwen in zijn oratie bij het aanvaarden van het ambt als hoogleraar op de leerstoel ‘metabole aspecten van type 2 diabetes mellitus’ aan de Universiteit Maastricht op 15 april aanstaande.

Type 2 diabetes, beter bekend als suikerziekte, is een chronische aandoening waarbij het bloedsuikergehalte op lange termijn stijgt, met negatieve gevolgen voor onder andere hart- en vaten. Op dit moment zijn er in Nederland naar schatting bijna 1 miljoen mensen met type 2 diabetes, en de prevalentie neemt nog steeds toe, ook onder kinderen. Mensen met type 2 diabetes zijn ongevoeliger voor het hormoon insuline, dat er voor moet zorgen dathet suiker gehalte binnen normale grenzen blijft. Door deze insuline-ongevoeligheid stijgt dus het bloedsuiker.

“Insuline-ongevoeligheidis in principe een nuttig proces, dat ons lichaam helpt om te overlevenin perioden van voedselschaarste. Het ontstaat doordat vet zich opstapelt in onze organen, zoals de spieren, de lever en het hart. Dit vet kan in perioden van vasten of tijdens fysieke activiteit worden gebruikt voor energielevering. Echter, in een groot deel van de wereld is er geen sprake meer van voedselschaarste. Bovendien zijn we met zijn allen erg inactief. We slaan deze vetten nog steeds op in onze organen, maar spreken ze daarna niet meer voldoende aan. Hierdoor ontstaat diabetes”, legt Patrick Schrauwen uit. “Tegenwoordig weten we dat overgewicht de belangrijkste risicofactor is voor het ontstaan van type 2diabetes. Meer dan 80% van de patiënten met dit type diabetes heeft overgewicht. De oplossing kan dan ook gezocht worden in het voorkomen van overgewicht. Echter, daarbij moet niet alleen worden gelet op een beperking van voedselinname om gewicht te verliezen. Vooral een actievere levensstijl en meer bewegen waardoor we de vetten die worden opgeslagen in onze organen regelmatig gebruiken is belangrijk.  Ook al leidt bewegen misschien niet direct tot gewichtsverlies, toch volhouden dus”, is het advies van Patrick Schrauwen.
bron: Universiteit van Maastricht

, , ,

Sporten vermindert de kans op hoge bloeddruk bij jongvolwassenen

Sporten vermindert de kans op hoge bloeddruk

Washington, maart 2007 – Volgens een nieuw onderzoek hebben jongvolwassenen die meer tijd besteden aan lichaamsbeweging een verminderde kans op hoge bloeddruk in de daaropvolgende 15 jaar.
David Jacobs, epidemioloog aan de Universiteit van Minnesotain Minneapolis, en collega’s, gebruikten gegevens van een landelijk onderzoek waarbij de mate van lichaamsbeweging en de bloeddrukmetingen van bijna 4.000 zwarte en blanke mannen en vrouwen gedurende een periode van 15 jaar gevolgd werd.

“Dit bewijs is geruststellend en bevestigt dat lichaamsbeweging feitelijk causaal verband houdt met hypertensie”, aldus hoofdauteur Dr. David Jacobs jr.Hoewel in eerdere onderzoeken een verband is gelegd tussen gebrek aan lichaamsbeweging en hypertensie bij volwassenen van middelbare leeftijd en ouder, is dit het eerste onderzoek waarbij dit verband al bij jongvolwassenenin de leeftijd van 18 tot 30 wordt gelegd.

In totaal kregen 634 volwassenen hypertensie met een systolische druk (bovendruk) van ten minste 140 mm Hg of een diastolische druk (onderdruk)van ten minste 90 mm Hg. Sommige van deze volwassenen moesten bloeddrukverlagende medicijnen slikken.“Toen we de gemiddelde activiteit over een lange periode bekeken en de veranderingen in de hoeveelheid lichaamsbeweging, bleek dat beide omgekeerdevenredig verband hielden met hypertensie, zelfs nadat er andere factoren bijbetrokken waren, zoals leeftijd en de familiegeschiedenis wat betrefthypertensie”, zei Jacobs.

Jongvolwassenen die gemiddeld vijf keer per week sporten en300 calorieën per keer verbruikten, hadden – in vergelijking met minder actieve deelnemers – 17 procent minder kans op het krijgen van hypertensie.

Bij de deelnemers die sinds de start van het onderzoek meer aan lichaamsbeweging waren gaan doen, nam bovendien het risico van hoge bloeddruk af met 11 procent voor iedere 1500 calorieën die ze verbrandden door wekelijks te sporten.

“Nog een reden om de algemeen bekende aanbevelingen voor meer lichaamsbeweging op te volgen – niet alleen voor een goed gewicht en gezonde hart-en bloedvaten, maar ook ter voorkoming van hoge bloeddruk als we ons ontwikkelenvan jongvolwassenen tot volwassenen van middelbare leeftijd”, zie Michael Zemel, professor in de voedingsleer en de geneeskunde aan de Universiteit van Tennessee in Knoxville.

“Het bereiken van een niveau van lichaamsbeweging dat gezond voor je is, houdt niet in dat je van een ‘kassie kijker’ een ‘sportfanaat’ moet worden”, aldus Zemel.

Zemel zei tevens dat stapje voor stapje meer bewegen, indien dit gedurende een lange tijd volgehouden kan worden, enorm veel nut kan hebben.
Het onderzoek verschijnt in de april-editie van het American Journal of Public Health. (2007  red)

Vertaling: Lianne Wouters

 

Schouderklachten komen vaak terug

schouderklachten behandelingSchouderklachten komen vaak terug. Dit is in tegenstelling tot het acute, kortdurende karakter dat vaak aan deze klachten wordt toegeschreven. Er is behoefte aan eenduidige methoden om de diagnose van schouderklachten te stellen en het verloop te volgen.

Dit concludeert Jolanda Luime in haar proefschrift waarop ze op 16 december aanstaande promoveert aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Schouderklachten komen vaak terug. Dit is in tegenstelling tot het acute, kortdurende karakter dat vaak aan deze klachten wordt toegeschreven. Er is behoefte aan eenduidige methoden om de diagnose van schouderklachten te stellen en het verloop te volgen. Dit concludeert Jolanda Luime in haar proefschrift waarop ze op 16 december aanstaande promoveert aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

 

Onderzoek schouderklachten

Op basis van bestaande onderzoeksgegevens kwam Luime tot de conclusie dat er een grote variatie is in frequentie van schouderklachten. Afhankelijk van de gebruikte definitie heeft 5 tot 66 procent van de bevolking last van schouderklachten. Vrouwen lopen over het algemeen een hoger risico dan mannen en de kans op schouderklachten lijkt toe te nemen met de leeftijd. De verschillen in de definitie van de schouderklachten en methoden van onderzoek maken het moeilijk om precies vast te stellen hoe vaak schouderklachten voorkomen. Luime pleit daarom voor een meer gestandaardiseerde definitie van schouderklachten.

Dat schouderklachten vaak terug komen blijkt een een driejarige studie onder 346 medewerkers van verzorgings- en verpleeghuizen. Jaarlijks rapporteerden 32 tot 36 procent van de medewerkers schouder- en nekklachten. Bij 60 tot 65 procent van deze groep komen de klachten terug nadat de klachten zijn verdwenen. 21 tot 38 procent van de medewerkers met schouder- en nekklachten zoekt medische hulp. Zwaarlijvigheid, werken in belastende houdingen en een slechte tot matige algemene gezondheid blijken risicofactoren voor nekklachten. Daarnaast is met name zwaarlijvigheid een risicofactor voor schouderklachten. Het terugkomen van klachten hangt vooral samen met het het al eerder hebben gehad van langdurige schouder- en/of nekklachten.

Naast het frequent voorkomen van schouderklachten blijkt op basis van bestaande onderzoeksgegevens dat ze ook lastig te diagnosticeren zijn. Vijftig bewegingstesten werden tegen het licht gehouden en slechts elf waren in staat een meer specifieke oorzaak van de klachten vast te stellen. Deze testen zijn alleen uitgetest bij patiënten die door de orthopeed geopereerd werden. Of de testen waardevol zijn voor gebruik door de huisarts of de fysiotherapeut is sterk de vraag.

bron: www.zorgkrant.nl