Berichten

Alle ballen op gezond leven!

Onze samenleving wordt bedreigd door allerlei crises: Kredietcrisis, bankencrisis, eurocrisis, huizencrisis, enz. In dat gedrang verdwijnt de belangrijkste crisis naar de achtergrond: de gezondheidscrisis. Het groeiend aantal patiënten met diabetes, hartfalen, COPD en rugklachten wijst op een bevolking met een steeds ongezondere leefstijl. De vraag daarbij is niet hoe we alle zorgkosten betaalbaar houden, maar hoe we mensen gezond houden. Een vitale samenleving begint bij gezonde mensen. Daarom alle ballen op gezond leven!

Wie ziek is moet geholpen worden, maar is er niet veel meer winst te boeken door actie te ondernemen voordat de mens een patiënt is? In onderstaand manifest vraag ik alle netwerkers in beweging mee te denken over de manier waarop we mensen tijdig verleiden tot verantwoord eten en bewegen en het verbeteren van het beweegaanbod. En hoe we gezond leven nu eens echt op de agenda van de politiek krijgen. Bij gezondheid denkt deze beroepsgroep immers vrijwel uitsluitend aan de zorg en de kosten die daarbij horen. Terwijl de meeste winst te boeken is met verbeteringen in de leefstijl van mensen. Meer en verantwoord bewegen en gezond eten verhogen de kwaliteit van leven en van de samenleving.

Motivatie
Gezond zijn is vanzelfsprekend, totdat je geconfronteerd wordt met ziekte of lichamelijk ongemak. En omdat niet elk ongezond gedrag door het lichaam wordt afgestraft, kunnen mensen behoorlijk wat zondigen voor het fout gaat. En dat maakt de voorlichting dikwijls lastig. Wie zich gezond voelt beschouwt informatie over een gezonde leefstijl als bemoeizucht en wie regelmatig patiënt is bij het ziekenhuis slaagt er moeilijk in de leefstijl drastisch om te gooien. Wil je mensen bewegen tot het aanmeten van een andere leefstijl dan lukt dat het best bij een intrinsieke motivatie. Die is niet op te leggen maar met goed informatie, aantoonbaar effectieve interventies en prikkels via sport- en beweegorganisaties, GGD’s en zorgverzekeraars moet het lukken een deel van de inactieve bevolking structureel en verantwoord in beweging te krijgen.

Brandpreventie
Veel mensen vertrouwen op de kwaliteit en beschikbaarheid van het Nederlandse gezondheidsstelsel, ze zijn er tenslotte voor verzekerd. Daarmee leggen ze hun gezondheid in handen van de zorg terwijl ze zelf tijdig maatregelen kunnen nemen in het belang van hun fysieke en geestelijke gezondheid. Risico’s dek je namelijk niet af aan de achterkant maar aan de voorkant. Een verzekering tegen woningbrand sluit je ook niet af zonder preventieve maatregelen zoals het ophangen van een brandblusser, het aanbrengen van brandwerende materialen en het plaatsen van een rookmelder. Voor een goede gezondheid moet je gezond leven en biedt het afsluiten van allerlei aanvullende zorgpakketten geen garantie dat je gezond blijft.

Regie
Bij het nemen van maatregelen die hulptroepen zolang mogelijk op afstand houden en de leefkwaliteit tot in lengte van jaren vergroten, zijn mensen zelf verantwoordelijk maar kan de overheid een belangrijke rol spelen. Sterker nog, heeft zij een groot belang bij de bestrijding van het groeiend zorgbudget. Daarvoor moet zij wel de regie in handen nemen en zich niet laten gijzelen door de zorgbranche en de farmaceutische industrie. Die hebben namelijk geen belang bij de gezondheid van mensen maar bij hun gebreken. Logisch dat deze belanghebbenden roepen dat we moeten zorgsparen. Zij stellen namelijk dat we de eerste helft van ons leven in relatief goede gezondheid doorbrengen en de tweede helft een steeds groter beroep doen op de zorg. Het zijn dezelfde ‘deskundigen’ die een tijdje terug riepen dat rokers goedkope zorggebruikers zijn… omdat ze eerder doodgaan. Het zijn kwantitatieve bespiegelingen op ouder worden en de kosten die dat met zich meebrengt, waarbij de kwaliteit van leven – gezond oud worden – niet in beeld is. Terwijl gezonder leven speerpunt van beleid moet zijn:

  • In het belang van gezondere burgers. Die doen het namelijk beter op school, zorgen voor een hogere productiviteit op het werk en zijn in staat langer door te werken.
  • Met het oog op een krimpende beroepsbevolking zijn vitale ouderen economische enorm van belang.
  • Fitte mensen doen minder vaak een beroep op de gezondheidszorg waardoor de zorgkosten lager uitvallen.

Overtuigingen
Bij gezondheid spelen er voor mensen allerlei overtuigingen. Zo geloven de meesten dat de ouderdom met gebreken komt waar je niets aan kunt doen. Wie dat als een vaststaand gegeven ziet, meet zich – fysiek en mentaal – een passieve leefstijl aan. En dat staat gelijk aan wachten ‘tot het zover is’ en verder met rollator of scootmobiel; inderdaad, als je niets doet komen de gebreken vanzelf. Want het lichaam functioneert nu eenmaal beter als het regelmatig stevig wordt belast. Dat kan het verlies aan spiermassa en kracht, een proces dat inzet na ons twintigste levensjaar, een halt toeroepen. Spieren vernieuwen zich namelijk elke drie maanden… een leven lang. Spieren belasten heeft dus altijd zin, er is geen excuus niet te bewegen. Bovendien is fysieke activiteit goed voor het functioneren van de geest.

Een andere overtuiging is dat het goed gaat, zolang het niet fout gaat: mensen steken hun kop in het zand. Overgewicht, te weinig bewegen (inactiviteit), te veel en te vet eten, worden door veel mensen niet als een (direct) gezondheidsrisico gezien. De huisarts of werkgever die hen wijst op deze tijdbom, is een bemoeial. Mensen lopen liever weg van de pijn en dempen deze met medicijnen, alcohol pijnstillers en slaappillen. Loopt het uit de hand kunnen ze altijd terugvallen op medische ingrepen: vet kan worden weggezogen, de maag verkleind. Met slechts zijdelings een verwijzing naar de daaraan verbonden risico’s, worden deze ingrepen in de media gepromoot. Dat dient niet de belangen van de patiënt maar die van de privéklinieken en farmacie.

 Nooit te oud om te sporten.
Fietsen, zwemmen, gymnastiek of wandelen. Je bent nooit te oud om te sporten. Sterker nog: zelfs op hoge leeftijd (75-plus), zorgt een actieve levensstijl met voldoende beweging er juist voor dat je nog langer en gezonder leeft. Wetenschappers van het Zweedse Karolinska Instituut hebben de levensstijl van 1.810 mensen onderzocht die ouder zijn dan 75 jaar. Beweging blijkt de sleutel voor een lang en gezond leven. Vooral sporten zoals zwemmen, wandelen en gymnastiek kunnen de levensverwachting met ongeveer twee jaar verlengen. Ben je niet zo sportief, maar heb je wel een rijk sociaal leven? Dan kun je anderhalf jaar bij je levensverwachting optellen. De mannen die het op beide fronten goed doen, kunnen tot gemiddeld zes jaar langer leven. Vrouwen die net zo actief zijn, worden ongeveer vijf jaar ouder dan inactieve leeftijdsgenoten. Bron: gezondnu.nl, 12 september 2012


Niet leeftijd maar leefstijl
Leeftijd speelt wel een rol bij de houding van mensen tegenover gedragsveranderingen. Bij ouderen is hun leefpatroon vaak zo ingeslepen dat ze ‘niet meer in beweging te krijgen zijn’. Ze voelen zich verbonden met generatiegenoten en fysiek ongemak is een favoriet onderwerp op de hangplek of bij de kaartclub. Iedereen kan er over mee kan praten en bevestigt elkaar in het oordeel dat het allemaal minder wordt. Waar de een meldt dat hij de laatste tijd ’s ochtends zo ontzettend stijf zijn bed uitstapt, vult de ander aan dat hij door stijve gewrichten nauwelijks nog de trap af komt en weet een derde te melden dat hij de flat niet uitkomt als de lift kapot is. Dit ‘feest der herkenning’ illustreert het gebrek aan kennis en motivatie fysiek ongemak het hoofd te bieden. En de overtuiging van mensen dat de een nu eenmaal gezond is en de ander niet. Mogelijk zijn mijn voorbeelden wat kort door de bocht, ik wil hiermee illustreren dat er heel wat voorlichting nodig is deze zichzelf versterkende overtuigingen van tafel te krijgen en mensen te laten inzien dat elk mens op elke leeftijd trainbaar is. En dat ze naar dit inzicht ook handelen. Gezondheid is een kwestie van leefstijl en niet zozeer van leeftijd.

Beweegnormen
Gezond oud worden betekent veel bewegen. De Nederlandse Norm Gezond Bewegen (NNGB) schrijft voor vijf dagen per week een half uur per dag matig intensief bewegen. Denk bijvoorbeeld aan stevig wandelen en tuinieren. Deze norm is volstrekt onvoldoende om fit te blijven. Daarom schrijft de fitnorm, in aanvulling op deze beweegnorm voor: drie keer per week 20 minuten het sport- en uithoudingsvermogen trainen. Bijvoorbeeld 20 minuten stevig fietsen. En ook met deze tweede norm ben je er niet. De belangrijkste norm is namelijk die van de Spier(kracht)training: tweemaal per week een workout van 20-30 minuten die bestaat uit 8-10 krachtoefeningen. Deze schijf van drie (zie www.bewegenismedicijn.nl) brengt samenhang in de benodigde fysieke activiteit. Als dat veel lijkt geeft dit aan hoe weinig mensen wekelijks tijd in ruimen voor bewegen. Vooral het belang van de factor kracht bij dagelijkse activiteiten wordt enorm onderschat.

Sterker worden
Regelmatig goed uitgevoerde krachttraining heeft tal van fysiek, mentaal en hormonaal positieve effecten. Je ontwikkelt sterke (houdings)spieren, sterkere botten, een beter functionerend hart-/longsysteem, c.q. grotere cardiorespiratoire fitheid, een lagere hartslag bij flinke inspanningen en verlaagt je bloeddruk. Daarnaast zorgt krachttraining voor een hogere stofwisseling en dat is gunstig voor een lager lichaamsgewicht. Tot slot heeft kracht een positieve invloed op de hormonale balans, onder meer een hogere testosteronspiegel (verjonging). Je voelt je evenwichtiger en bent beter in staat emoties te beheersen. Daardoor blijf je niet in je emoties zitten, maar kunt deze loslaten. Dat is goed voor je welbevinden en je omgeving. Maar let op: wil krachttraining ondersteunend zijn aan het leven van alledag, dan moeten de oefeningen het motorisch systeem sterker maken en niet alleen lokale spiergroepen. Sterker worden is geen bodybuilding maar wordt bereikt door een betere werking van spieren en samenwerking van spiergroepen.

Krachttraining vermindert risico op diabetes.
Trainen met gewichten vermindert bij mannen het risico op diabetes type 2. Dit blijkt uit onderzoek van de Harvard School of Public Health en de University of Southern Denmark. De onderzoekers volgden 18 jaar lang 32.000 mannen, waarvan er 2300 last kregen van diabetes type 2. Ze ontdekten dat vijf keer per week een halfuur trainen met gewichten het risico op diabetes met 34 procent deed afnemen. Zelfs minder vaak bewegen heeft een positief effect: wekelijks een uur krachttraining verminderde de kans op diabetes met 12 procent. Het is bekend dat regelmatig bewegen diabetes type 2 helpt voorkomen. Cardiotraining werkt nog iets beter dan krachttraining, want dat halveert het risico op de aandoening. Een combinatie van beide is het meest effectief. Uit het onderzoek bleek dat mannen die zowel aan cardio- als aan krachttraining doen, hun risico op diabetes met 59 procent verkleinen. Of trainen met gewichten bij vrouwen hetzelfde resultaat geeft, is niet onderzocht. […] Voor mensen die minder mobiel zijn, is trainen met gewichten een andere optie. ‘Veel mensen hebben moeite met het volgen of volhouden van cardiotraining. Deze nieuwe resultaten suggereren dat krachttraining een goed alternatief is’, aldus onderzoeker Anders Grontved. De resultaten zijn gepubliceerd in de Archives of Internal Medicine. Bron: bewegenismedicijn.nl, aldaar: gezondheidsnet.nl, 7 augustus 2012

Integraal gezondheidsbeleid
In het belang van gezondheid moeten alle ballen op het realiseren van een actieve leefstijl. Daarvoor moet de (beleids)aandacht verschuiven van de patiënten in de wachtkamer naar mensen uit de wachtkamer houden. Omdat het gaat om gezondheid in milieubeleid, onderwijs, wonen en werken moet er een integraal gezondheidsbeleid komen. Integraal omdat het gaat om en een sluitende preventieketen. De preventieketen, die bestaat uit onder meer leefstijladviseurs, fysieke trainers, voedingskundigen, huisartsen, beweegaanbieders, scholen en werk, is toe aan een structurele meerwaarde. Zo ontstaat er een netwerk dat lichaamsbeweging en informatie over gezond eten promoot en voor iedereen toegankelijk maakt zodat niemand kan zeggen dat hij het niet wist. Daarnaast zorgt een preventienetwerk ervoor dat mensen snel worden doorverwezen naar de juiste deskundige: niet in de richting van de zorgverleners maar in de richting van de fysieke trainers.

Van welzijn naar gezondheid.
Veel projecten die zich richten op de gezondheid van ouderen worden uitgevoerd in een welzijnscontext. De nadruk ligt op beleven. Het zijn plezierige beweeghappenings waarin het samen iets doen de overhand heeft. Ze dragen voor deelnemers dikwijls bij aan de ervaren gezondheid maar dat is nog iets anders dan de meetbare gezondheid. En dat is de slag die gemaakt moet worden: willen we dat georganiseerde activiteiten werkelijk bijdragen aan een betere gezondheid dan moet het fysiek belasten van het lichaam voorop staan en niet volstaan worden met het bijeenbrengen van leeftijdsgroepen. Het gaat om de meetbare effecten van de activiteit waarbij het natuurlijk best aangenaam mag zijn.

 Verplicht bewegen
Een integraal gezondheidsbeleid vraagt burgers en overheid de kwaliteit van leven te benaderen met interventies gericht op gezond blijven in plaats van behandelingen voor ziekte. Een omslag in het denken die zich kenmerkt door activiteit versus passiviteit, zelf invloed uitoefenen in plaats van je over te leveren aan de zorg. Deze benadering vraagt ook gezond blijven niet gelijk te stellen aan zorgkosten maar aan leefkwaliteit van mens en samenleving. Want wie beter in zijn vel zit heeft meer energie. En omdat er voor iedereen gezondheidszorg is, moeten we mensen verplichten voldoende te bewegen en stimuleren verantwoord te eten. Hierbij kunnen zorgverzekeraars een belangrijke rol vervullen door leefstijl- en bewegingsprogramma’s te vergoeden.

Gezonde leefstijl? Zorgverzekeraar Menzis beloont met spaarpunten.
Zorgverzekeraar Menzis gaat mensen die gezonder leven door te sporten of te stoppen met roken belonen met spaarpunten. Die kunnen worden ingeruild voor korting op onder meer wellnessarrangementen, een rollator, fysiobehandeling of sportkleding. Verzekerden kunnen in drie jaar tijd maximaal ongeveer 250 euro aan kortingen sparen. Wie zijn punten inzet om zijn eigen risico mee te betalen, kan zo maximaal een korting van 35 euro per jaar krijgen. Bron: NRC, 17 september 2012

Fitnesscentra lijken door hun vermogen snel in te spelen op nieuwe ontwikkelingen, uitermate geschikt mensen te ondersteunen bij het behalen van gezondheidswinst. Al blijkt uit ‘The state of research in the global fitness industry’, dat zij daar op dit moment onvoldoende in slagen. Gelukkig las ik in fit!magazine van september jl. de oproep van John van Heel, directeur van opleidingsinstituut EFAA, om van fitnesscentra lokale steunpunten in de beweegstimulering te maken. In zijn column roept hij fitnesscentra op samen te werken met sportverenigingen bij het aanbieden van een gevarieerder sportprogramma. Een handreiking die de sportclubs naar mijn mening niet kunnen laten liggen. Want waarom niet samen met fitnesscentra een fitheidsprogramma ontwikkelen waardoor mensen na enige tijd in staat zijn te sporten bij de vereniging en de fitheid te onderhouden bij de sportschool? Ook hun verenigingstrainers kunnen worden bijgeschoold zodat zij zich meer ontwikkelen als leefstijlcoach die zijn pupillen begeleidt bij het verkrijgen van een grotere fitheid (lees: belastbaarheid) als basis voor het sportief presteren.

‘Gezond leven’
Het realiseren en versterken van een preventieketen verbetert de gezondheid van mensen en houdt de kostenstijging van chronische ziekten in de hand. De noodzaak voor een goede zorgketen wordt daarmee niet ontkent, maar het is tijd voor een belangrijke tegenbeweging die de ogen van individuele mensen en de politiek opent. Is de tijd rijp voor een nieuwe (politieke) beweging ‘Gezond Leven’? Een beweging (of politieke partij) die de gezondheid van mens en maatschappij centraal stelt. Uitgangspunt: gezondheid is veel meer dan zorg, gezondheid is gezond leven. Ingrediënten voor het programma van zo’n beweging/partij zijn:

  • We streven naar een integraal gezondheidsbeleid waarbij allerlei sectoren in de samenleving betrokken worden: het onderwijs, de voedingsindustrie, de arbeidsomgeving, de zorgverzekeraars, de leefstijladviseurs.
  • We investeren in gezondheid en dus een gezonde, actieve bevolking. Mensen hoeven niet te sporten en voor een groot aantal is dat vanuit blessure-oogpunt in het begin ook niet aan te bevelen. De sport- en beweegsector ontwikkelt een beweegaanbod dat allerlei groepen ondersteunt bij fysieke training en leert hoe dit te bestendigen in het dagelijks leven. Dit betreft goede instructie en begeleiding, voorlichting over de positieve effecten van training op het lichaam en de geest, het voorkómen van blessures en het ontwikkelen van een gezond voedingspatroon.
  • De sportverenigingen bieden naast de mogelijkheid voor het beoefenen van hun tak van sport, een laagdrempelig, kwalitatief trainingsaanbod gericht op mensen met een zwakke startpositie (overgewicht, inactiviteit, na een revalidatie) en ter verbetering van de fitheid van de reguliere leden.
  • We investeren in goed opgeleide gezondheidprofessionals: voorlichters, adviseurs en trainers.
  • We belonen effectieve leefstijlinterventies en sluiten daarmee aan bij ‘Effectief Actief’ en de ‘Menukaart Sportimpuls’ van het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB). Daarmee worden lokale interventies ondersteund die gericht zijn op leef- en beweegstimulering.
  • We zetten een preventieketen op die bestaat uit gezondheidsbevorderende interventies van (fysieke) trainers, sportmasseurs, diëtisten en personal trainers. Zo krijg de gevleugelde uitdrukking ‘Voorkómen is beter dan genezen’ weer echt handen en voeten.
  • De preventieketen moet kwalitatief meetbare gezondheidseffecten opleveren en verdraagt daarom geen welzijnsmaatregelen waar binnen een betere gezondheid bijvangst is.
  • We zorgen voor de aanleg van voldoende goede fiets- en wandelpaden, speeltuintjes en zorgen voor veiligheid.

Vignet Gezonde School.
Demissionair minister Schippers lanceerde op 19 september het Vignet Gezonde School op een school in Den Haag. Met deze lancering vraagt zij aandacht voor werken aan gezondheid op scholen. Een Gezonde School is een school waar gezondheid integraal deel uitmaakt van het schoolbeleid. Basisscholen die hier structureel aan werken, kunnen het vignet Gezonde School aanvragen. Als de aanvraag is gehonoreerd, mag een school drie jaar lang de naam Gezonde School dragen. Bron: blog.han.nl, Lennart van Eekhout, 18 september 2012

Samengevat:

  • gezondheid is niet het organiseren en bekostigen van zorg, maar primair gezond leven;
  • gezond leven omvat alle activiteiten van mensen op het gebied van fysiek en mentaal bewegen en voeding;
  • leeftijd is geen excuus om niet of minder te bewegen;
  • niet de leeftijd zorgt voor gebreken, wel de leefstijl;
  • het lichaam is in staat zich op elke leeftijd aan te passen aan fysieke belasting;
  • de beste garantie voor een lange zelfredzaamheid is investeren in kracht en bewegen;
  • wie zijn spieren traint, traint zijn geest;
  • als mensen sterker worden, worden ze gelukkiger;
  • fysieke onderbelasting/inactiviteit vergroot het risico op blessures en (chronische) ziektes;
  • mensen moeten niet wachten tot er fysieke problemen zijn maar eerder op zoek gaan (en geholpen worden bij) trainingsbelasting die hun lichaam sterker maakt;
  • aanpassing van voeding speelt een grote rol bij een goede gezondheid;
  • fitnesscentra die gezondheidswinst te boeken bij hun klanten hebben een toekomstbestendig uithangbord;
  • sportverenigingen moeten een gezonde sportvereniging willen zijn. Trainers moeten worden bijgeschoold in het aanbieden van oefenstof die leden fitter maakt (lees: krachttraining en mobiliteit) en daarmee voorwaarden scheppen voor eventuele sportbeoefening;
  • de aanwezigheid van goede gezondheidszorg mag geen vrijbrief zijn voor ongezond gedrag;
  • het is tijd voor een politieke beweging ‘Gezond leven’: Alle ballen op een gezond leven.

 

Bij dit artikel is gebruik gemaakt van:

  • Manifest Gezondheid werkt, Nederlandse Public Health Federatie, maart 2011, www.gezondheidwerkt.nl
  • Interview met bijzonder hoogleraar Fysiologie van Inspanning, Luc van Loon (Universiteit van Maastricht), november 2011.
  • ‘Met kracht in balans’, voorlichtingsfolder instructiecursus, Nijmegen, 2012.
  • www.bewegenismedicijn.nl
  • Inspannings- en sportfysiologie, Jack H. Wilmore, David Costill, Maarssen 2006.
  • Krachttraining en coördinatie, een integratieve benadering, Frans Bosch, 2010 Uitgevers, Rotterdam 2012.
  • Activo’s doen het anders, op maat en zeker na hun 50e!, Edwin Timmers, Arko Sports Media 2012.
  • The state of research in the global fitness industry’, J. Steenbergen, M. de la Faille-Deutekom, J. Middelkoop, 2011.
  • Fitness als lokaal steunpunt beweegstimulering, J. van Heel, fit!magazine september 2012, 50.

 

Tekst: Clemens Vollebergh

Drs. Clemens Vollebergh (1963) leidt in het dagelijks leven een redactie- en adviesbureau voor sportbeleid, gezondheidsvoorlichting en leefstijlmanagement. Hij is topsport gediplomeerd en gelicentieerd Atletiekcoach en breed gediplomeerd NGS-sportmasseur. Trainer van hardlopers en docent krachtinstructie op wijkniveau.Www.steun.biz.

, , ,

Gezond gewicht door calcium

 

Buikvet verminderenUit recent onderzoek is gebleken dat de buikomtrek van Nederlanders steeds groter wordt. Deze trend heeft tot gevolg dat het risico op diabetes en hart- en vaatziektes flink stijgt. Om af te slanken is voldoende beweging en een verantwoord voedingspatroon onmisbaar.

‘Elk pondje gaat door het mondje’ is een veel gehoorde uitdrukking. Toch is dit niet geheel waar. Voldoende inname van magere varianten van calciumrijke producten dragen namelijk bij aan een gezond gewicht.

Van zuivel en zuivelproducten wordt vaak gedacht dat ze dikmakend zijn. Maar verschillende studies bewijzen gedeeltelijk het tegendeel. In de studies volgden deelnemers een dieet met een vast aantal calorieën. De helft van deze deelnemers at dagelijks porties magere zuivel. De groep deelnemers die de magere zuivel aten verloren meer vet dan de controlegroep. Vooral het vet rondom het buikgebied nam af.

Deze gewichtsafname zou worden verklaard doordat calcium zich bindt aan het vet rondom onze organen. Door deze verbinding verandert de structuur van het vet naar een stof die niet door ons lichaam kan worden opgenomen. Hierdoor wordt de stof, en dus ook het vet, afgevoerd. Op jaarbasis zou een calciumrijk dieet kunnen leiden tot enkele kilo’s kwijtgeraakt lichaamsvet en hiermee een gezond gewicht ondersteunen. De resultaten van de onderzoeken zijn veelvuldig onderzocht. Uit vervolg studies bleek dat calcium voornamelijk een afslankende werking heeft wanneer mensen normaliter nauwelijks calcium binnenkrijgen. Mensen die voldoende calcium in hun dieet hebben zullen er daarom minder profijt van hebben.

Bronnen van calcium zijn:

  • Zuivelproducten zoals melk, kwark en yoghurt
  • Zalm
  • Bonen
  • Sojamelk
  • Groene groenten

Tip: De meeste groene groenten bevatten veel calcium. Echter sommige van deze groenten bevatten ook oxaalzuur. Dit zuur voorkomt dat de calcium door ons lichaam opgenomen kan worden. De groente zijn daarom minder geschikt voor een calcium dieet. Voorbeelden van deze groenten zijn: spinazie en rabarber. Groene groenten zoals broccoli en kool bevatten deze zuren niet maar zijn wel rijk aan calcium.

Bron: Obesity Reviews

, , ,

Bewegen verlaagt bloedsuikerpieken

Elke dag trainen blijkt echter niet noodzakelijk: er zit nauwelijks verschil tussen dagelijks een half uur bewegen en om de dag een heel uur.

Dat blijkt uit een publicatie van promovendus Jan-Willem van Dijk en collega’s van de Universiteit Maastricht. ‘Bijzonder dat zo’n klein beetje inspanning zoveel kan bereiken’, verklaart mede-auteur Luc van Loon, hoogleraar inspanningsfysiologie.

Onderzoek
Aan het onderzoek namen dertig mannen met diabetes mellitus type 2 deel van rond de zestig jaar. Eerst fietsten zij een uur op de eerste dag, gevolgd door een rustdag. In een tweede experiment fietsten ze twee dagen achter elkaar een half uur. Tenslotte trainden ze helemaal niet in een derde test.

Zonder training constateerden de onderzoeker een verhoogd bloedsuikerniveau bij 32 procent van de mannen. Mét training was dit slechts 24 procent.

Beter dan medicatie
Van Loon: ‘Er zijn eigenlijk geen medicijnen die dit kunnen bewerkstelligen, inspanning is hierin echt uniek. Daar komt nog eens bij dat de bijwerkingen van inspanning gezondheidsbevorderend zijn, in tegenstelling tot medicatie.’

Publicatie
De resultaten van het onderzoek worden binnenkort gepubliceerd in Diabetes Care.

Bron: Universiteit Maastricht

, , , ,

Eten zoals vroeger verbetert gezondheid

darmen-sport-voedingGezond ouder worden kan door terug te keren naar de voedingsgewoonten uit de steentijd, vertaald naar de cultuur van de 21e eeuw. Dat concludeert promovendus Remko Kuipers. Hij onderzocht waar onze voorouders leefden en maakte een reconstructie van hun voeding.

De voeding van onze voorouders bevatte meer eiwitten, minder koolhydraten, minder linolzuur en meer omega-3-vetzuren, stelt Kuipers.

Minder linolzuur
De oervoeding bevat volgens Kuipers veel minder linolzuur (omega-6-vetzuur) dan westerse voeding. Dit is relevant vanwege de heersende veronderstelling dat een hoge inname van linolzuur een beschermende werking heeft op het ontstaan van hart- en vaatziekten.

In lijn met de inzichten van Kuipers laat een recente Amerikaanse studie zien dat de aanbevolen vervanging van verzadigde vetzuren door linolzuur in de westerse wereld eerder een toename dan een afname van hart- en vaatziekten heeft veroorzaakt.

Verzadigd vet
Kuipers bekritiseert daarnaast de huidige praktijk om verzadigd vet in de voeding te vervangen door koolhydraten. Op basis van een literatuurstudie stelt hij dat niet de inname van verzadigd vet, maar juist de inname van koolhydraten met een hoge glycemische index zoals suikers in frisdranken en snoep, de kans op hart- en vaatziekten verhoogt.

Deze inzichten stemmen overeen met de resultaten van de reconstructie van de oervoeding. Hierin was verzadigd vet in gelijke hoeveelheden aanwezig als in de huidige westerse voeding, terwijl de oervoeding daarnaast meer eiwitten, en juist minder koolhydraten bevatte.

Vetzuren en ziektes
De vetzuursamenstelling van de hedendaagse voeding wordt in verband gebracht met typische westerse ziektes, haalt Kuipers verder aan. Zo bestaat er consensus dat te weinig inname van omega-3-vetzuren bij volwassenen verband houdt met het ontstaan van hart- en vaatziekten en depressie. Bij pasgeboren kinderen zou het krijgen van te weinig omega-3-vetzuren leiden tot een minder optimale ontwikkeling van de hersenen.

Proefschrift
Remko Kuipers promoveert 26 maart op zijn proefschrift ‘Fatty acids in human evolution: contributions to evolutionary medicine‘.

Bron: Rijksuniversiteit Groningen

,

Lichaamsbeweging kan je DNA veranderen

Dat bewegen gezond is, is niets nieuws. Maar lichamelijke activiteit kan ook je DNA veranderen en wel in gunstige zin. Een 20 minuten durende training is daarvoor zelfs al voldoende.

Juleen Zierath, hoogleraar fysiologie aan het Karolinska Instituut in Stockholm, beschrijft de vroege veranderingen die spiercellen ondergaan als je voor het eerst naar de sportschool gaat.

Een groep van 14 jonge mannen en vrouwen die relatief weinig beweging kregen, werden gevraagd om op een hometrainer te fietsen terwijl hun maximale activiteitsniveau werd gemeten. Ze stonden ook onder lokale verdoving een stukje spierweefsel af van hun dijbeenspier, 1 keer voor de training en 1 keer 20 minuten na de training.

De onderzoekers vergeleken de actviteit van een reeks spiergerelateerde genen voor en na de lichamelijke inspanning. Na de training werden meer genen ‘aangezet’ en de DNA-methylering (chemische stoffen die zich binden aan genen, die daardoor niet goed meer functioneren) verminderde aanzienlijk. Dat heeft voor gevolg dat je spieren meteen hun werk kunnen doen, meer zuurstof opnemen en sneller groeien. Hoe intenser de training, hoe minder methylgroepen er gevormd werden.

Het geeft ook aan dat je genen geen vaststaand gegeven zijn, maar aan invloeden vanuit de omgeving onderhevig zijn.

Bron: Welingelichte Kringen

Wat is het rendement van gezond bewegen?

De mens is gemaakt om te bewegen. En niet of veel te weinig bewegen vormt een grote bedreiging voor de gezondheid.
” Een wit bord en een zwarte en rode stift, meer heeft dokter Mike Evans niet nodig om dat heel aanschouwelijk uit te leggen. Zijn filmpje op Youtube, “23 and 1/2 hours: What is the single best thing we can do for our health?” werd in de afgelopen weken al meer dan 2 miljoen keer bekeken en is een geweldig succes wereldwijd” aldus Happynews.
In een kort tijdsbestek wordt de Return On Investement uitgelegd. Conclusie: Excercise is medicine. More activity is better.
Tip: Neem een hond als wandelcoach!
httpv://youtu.be/aUaInS6HIGo

,

Fruit en gevarieerde groente verlaagt risico op longkanker

Het eten van veel fruit en verschillende groenten verlaagt mogelijk de kans op longkanker. Dat staat in het proefschift ‘Quantity & Variety, Fruit and vegetable consumption and bladder and lung cancer risk’ van Frederike Büchner.

In dit proefschrift, dat tot stand is gekomen door een samenwerking tussen het RIVM en Radboud Universitair Medisch Centrum, wordt de relatie tussen groente- en fruitconsumptie – zowel de hoeveelheid als de variatie in consumptie – en het risico op long- en blaaskanker onderzocht. Dit is gedaan binnen de ‘European Prospective Investigation into Cancer and nutrition’ (EPIC) studie. Tussen 1991-2000 deden meer dan een half miljoen mensen, verspreid over tien Europese landen, mee aan deze studie.

Twee fruitjes per dagIn de
studie kregen 1.830 mensen de diagnose longkanker te horen. De hoeveelheid groente die deze mensen hadden gegeten, bleek niet van invloed op het longkankerrisico. Maar een gevarieerde consumptie van groente leek het risico op longkanker wel gunstig te beïnvloeden . Wat de fruitconsumptie betreft, maakt dit onderzoek duidelijk dat meer fruit (minimaal twee stuks fruit per dag) het risico op longkanker verlaagt. De variëteit heeft geen invloed op het ontstaan ervan.

Voor zowel de hoeveelheid, als voor de variatie in groente- en fruitconsumptie geldt dat de gevonden effecten vooral voor rokers zijn gevonden. De groente- en fruitconsumptie heeft het meeste invloed op het ontstaan op plaveiselcellongkanker, een subtype van longkanker dat sterk gerelateerd is aan roken. In het onderzoek werd geen relatie gevonden tussen de consumptie van groente en fruit en het risico op blaaskanker.

Stoppen met roken is nog altijd de belangrijkste maatregel om de kans op long- en blaaskanker te verlagen.

Bron: RIVM

 

Meditatie pept immuunsysteem op

is nu echt bewezen: Meditatie kan je immuunsysteem een flinke boost geven en je mentale gezondheid verbeteren. Dit blijkt uit onderzoek van de Harvard University en Justuc Liebig University.

De wetenschappers ontdekten dat oude religieuze tradities verschillende gezondheidsvoordelen hadden en ook gebruikt kunnen worden als behandeling. De belangrijkste bevindingen waren een verbeterd immuunsysteem, een verlaagde bloeddruk en een vergroot cognitief functioneren.

Ondanks de recente bevinden gebaseerd op wetenschappelijke literatuur blijven veel experts sceptisch over de gezondheidsvoordelen van yoga en meditatie. Er bestaan bijvoorbeeld ook onderzoeken die laten zien dat yoga geen effect heeft op de geestelijke gezondheid.

(Bron: Nu.nl)

, , , ,

Pak liever de fiets

AMSTERDAM – Eindeloze files, vechten voor een plekje in de trein en hutje mutje in de bus. We worden er niet vrolijker van.

Reizen per bus, trein en auto naar het werk verhoogt de kans op stress en oververmoeidheid. Het is beter om op de fiets of lopend naar het werk te gaan. Dat blijkt uit Zweeds onderzoek onder 12.000 werknemers tussen de 18 en 65 jaar. “Een andere conclusie is dat de gezondheid nog slechter werd naarmate de reistijd steeg. Het is dus hoog tijd dat we de voordelen van een bepaalde baan, zoals een hoger loon, afwegen tegen de reistijd en bijbehorende gezondheidsproblemen”, aldus wetenschapper Erik Hansson.

Bron: Telegraaf

,

Vitaminesupplementen verkorten leven

Enkel bij vitaminetekort is supplement zinvol
BRUSSEL – Overdaad schaadt. Wie gezond eet, verkort zijn leven door daar nog eens vitaminepillen bovenop te slikken.

Het advies ‘baat het niet, dan schaadt het niet’ gaat niet op voor vitaminesupplementen. Uit een twintig jaar durend onderzoek bij bijna veertigduizend vrouwen van vijftig plus leiden ze af dat vrouwen die vitaminen slikken, korter leven dan zij die dat niet doen. Vooral multivitamines, foliumzuur, vitamine B6, magnesium, zink, koper en ijzer lijken het leven te bekorten, waarschuwen Finse en Amerikaanse onderzoekers deze week in de Archives of Internal Medicine.

De vrouwen deden mee aan de Iowa Womens Health Study, een langlopend gezondheidsonderzoek waarin allerlei aspecten van de gezondheid geanalyseerd worden. Bij aanvang van de studie in 1986 waren de vrouwen gemiddeld zo’n zestig jaar oud, en twintig jaar later waren er 15.500 van hen overleden.
De oversterfte bij de vitaminesliksters was niet groot, maar toch beduidend, aldus de onderzoekers. Tijdens de loop van de studie overleed 41 procent van hen, tegen 40 procent van de niet-multivitaminesliksters.

Maar het verschil werd groter als zaken zoals hoge bloeddruk, suikerziekte en overgewicht in rekening werden gebracht. En voor vrouwen die ijzersupplementen slikten, was de kans op voortijdig overlijden het grootst, en bovendien dosisafhankelijk: hoe meer ijzer, hoe meer voortijdige sterfte.

Hoewel de studie enkel voor vrouwen gold, verwacht onderzoeksleider Jaakko Mursu (universiteit van Oost-Finland in Kuopio, University of Minnesota) dat vitaminesupplementen ook mannen weinig extra’s te bieden zullen hebben, althans in westerse landen waar er geen voedseltekorten zijn en vitaminetekorten alleen bij zieke, ondervoede mensen voorkomen. ‘Tenzij je zulke vitaminetekorten hebt, is er geen enkele reden om vitaminepreparaten te slikken’, zei hij aan Reuters. Een mogelijke uitzondering is vitamine D, dat het leven van vrouwen wellicht iets verlengt.

Mursu geeft toe dat er een zwakke kant zit aan zijn studie: om aan gegevens over vitaminegebruik te komen, moesten vrouwen op drie momenten in de studie (1986, 1997 en 2004) zelf aangeven of ze al dan niet vitaminesupplementen hadden gebruikt in het afgelopen jaar. Zo’n bevraging via vragenlijsten kan een vertekening geven als het geheugen deelnemers parten speelt. ‘Maar met de beschikbare kennis zou ik gezonde mensen niet aanraden om op geregelde basis vitamines te gaan slikken.’

Bron: De Standaard